‘Migratie is zo oud als de wereld, het heeft ons als soort sterker gemaakt.‘
17 augustus, 2026
Interview met Henriette Boerendans
Henriette Boerendans wekt als geen ander de rijkdom van de natuur tot leven met haar indrukwekkende houtsneden. Haar werk werd al twee keer genomineerd voor de Woutertje Pieterse Prijs. Voor De grote trektocht deed ze jarenlang onderzoek naar de wereldwijde migratie van dieren en planten en maakte ze een reis rond de wereld in 28 soorten. We spraken haar over de totstandkoming van het boek, haar bijzondere ontdekkingen en wat zij hoopt dat kinderen vooral zullen zien: de ongelooflijke reizen die dieren en planten maken, de kracht van de natuur en een wereld die altijd in beweging is.
Hoe kwam je op het idee om een boek over migratie in de natuur te maken?
Zwaluwen en ganzen zijn zo mooi! Het intrigeert me dat ze een tweede plek hebben waar ze net zo vanzelfsprekend thuishoren als hier. Ik heb de afgelopen jaren houtsneden gemaakt van trekvogels, zo’n twintig prenten, en een aantal heb ik gebruikt voor dit boek. Al zo’n tien jaar doe ik research naar dierenmigratie, het was zoeken naar de juiste vorm: wordt het een prentenboek voor kleuters of een non-fictieboek voor oudere kinderen? Ik heb een aantal dingen uitgeprobeerd. Toen ik de verspreiding van de planten erbij betrok, werd het interessanter – de reizen van de dieren en planten versterken elkaar. De grote trektocht is de juiste vorm, het is geschikt voor kinderen vanaf 7 jaar die al een beetje kunnen kaartlezen.
Wat kun je vertellen over de opzet van De grote trektocht: Een reis om de wereld in 28 soorten.
De grote trektocht is een doorlopende reis, waarbij het ene dier het stokje overgeeft aan het andere dier. We volgen de fitissen van Botswana naar Oost-Siberië, dan volgen we de migratie van de kraanvogels van Oost-Siberië naar Japan, en de groene zeeschildpad zwemt van Japan naar Indonesië. In het boek maken we een reis rond de wereld en komen weer bij het beginpunt uit. Onderweg reizen er ook planten mee zoals de stepperoller, een kokosnoot en de pluisjes van een paardenbloem. Er staan veel kaarten in het boek.
Je hebt voor dit boek veel onderzoek gedaan. Welk feit heeft jou het meest verbaasd?

Het feit dat de groene zeeschildpad pas na 30 jaar geslachtsrijp is en dat ze tot die tijd alleen rondzwerft door de Stille Oceaan. Als ze geluk heeft blijft ze al die 30 jaar in leven en zwemt dan terug naar het strand waar ze uit het ei gekropen is. En het feit dat een koekoeksjong zelf de weg naar Congo vindt. Haar moeder heeft haar de richting niet gewezen, het jong is immers door pleegouders grootgebracht. Toch herhaalt ze het migratiegedrag van haar biologische moeder. Het koekoeksjong vertrekt als ze een paar maanden oud is en ze vliegt ook nog eens alleen.
Alle dieren uit jouw boek migreren. Ben je daardoor ook anders gaan kijken naar mensen die migreren?
Ja. Grenzen zijn door mensen bedacht, uit een soort territoriumdrift. Migratie is zo oud als de wereld, het heeft ons als soort sterker gemaakt. Net zoals de seizoenen de dieren dwingen te vertrekken, kunnen oorlogen en voedselgebrek mensen dwingen om te vertrekken naar een ander deel van de wereld, een veiliger deel. Ik zou wensen dat het kon, zonder grenzen. In de dierenwereld zien we migratie als iets positiefs, we kijken er vol bewondering naar.
Welk dier is volgens jou de meest indrukwekkende reiziger?
Dat is de fitis die een afstand aflegt van 13.000 kilometer, van Botswana naar Oost-Siberië. Het vogeltje weegt maar 10 gram.

Welke trektocht uit het boek zou jij zelf eens willen meemaken?
Ik zou graag met de rendieren meelopen over de toendra. Lijkt me heerlijk. Het geluid van de hoeven, het ritme van de groep, zwemmen door rivieren. Sowieso intrigeert het landschap van Siberië me, zo weids. Ik zou de toendra graag zien in de lente, als de sneeuw gesmolten is en alles in bloei staat.
Jouw houtsneden vormen de basis van al je boeken. Wat vind je het leukste moment van het maken? En wanneer weet je dat het klaar is?
Het leukste vind ik het gutsen, het snijden in het hout. Een prent is klaar als de compositie goed is. Ik kan de planken in verschillende kleuren inrollen, ik probeer veel kleuren uit. De sfeer moet kloppen, als er een melancholie uit spreekt, is de houtsnede af. Soms zoek ik helderheid, zoals bij de poollandschappen en de zeedieren.
Wat hoop je dat kinderen meenemen nadat ze De grote trektocht hebben gelezen?
Dat dieren ongelooflijke reizen maken. Iets over de kracht van de natuur, over dat migratie de soorten sterker maakt, dat alles beweegt. Elk kind zal iets anders uit het boek halen. Ik probeer ook minder bekende soorten te laten zien, zoals de zuidpooljager en de grote klit. Sommige kinderen zullen de kaarten interessant vinden, en wie weet is er een kindje bij dat houtsneden wil maken.



