‘Het is een eerbetoon aan de verhalen die mijn moeder vroeger vertelde voor het slapengaan’ – Pete Wu
22 september, 2026
Interview met Pete Wu & Enzo Pérès-Labourdette
Geen weerloze prinsessen die wachten op een prins, maar krijgsvrouwen, draken en jadekeizers: in Aziatische sprookjes brengt Pete Wu eeuwenoude sprookjes uit China, Japan, Vietnam en Zuid-Korea naar een nieuwe generatie lezers. Hij bewerkte de verhalen tot een eigentijdse bundel, terwijl Enzo Pérès-Labourdette er met zijn illustraties een geheel eigen wereld naast zet. Welke rol speelden de sprookjes uit Petes jeugd? Waar haalde Enzo zijn inspiratie vandaan en waarom deed hij zoveel onderzoek naar de beeldende kunst uit de landen waar de verhalen vandaan komen? En welk personage uit Aziatische sprookjes zouden ze het liefst zelf willen zijn? Tijd voor een interview!
Welke rol speelden de sprookjes die je moeder vroeger aan jou vertelde in je jeugd?
Pete: Ik denk dat de combinatie van haar vertellingen en de biebboeken vroeger een goede basis vormden voor het verzinnen van eigen fantasiewerelden en het schrijven van fictie later in mijn leven.

Wat hoop je dat kinderen meenemen uit deze verhalen?
Pete: Ik denk vooral het idee van mogelijkheden, de ruimte om te verzinnen en te creëren: de verhalen hebben bewust geen duidelijke moraal maar zijn soms gewoon romantisch, tragisch of grappig, zoals veel dingen in het leven.
Wat maakt deze sprookjes anders dan de sprookjes die veel Nederlandse kinderen kennen, en waarin komen ze juist overeen?
Pete: Ik denk dat het vooral sprookjes zijn die we nog niet kennen in ons eigen collectief geheugen; misschien steeds meer anno 2026, en ik hoop dat deze bundel daaraan bijdraagt. De Aziatische sprookjes hebben soms niet per se een goed versus kwaad idee, en in mijn versies heb ik geprobeerd om ze ook voor de voorlezers zo leuk mogelijk te maken.
Wat is jouw lievelingssprookje uit de bundel?
Pete: Eigenlijk alle verhalen, maar ‘De vrouw die de wind meehad’ (veel leuke geluiden) en ‘Het zwaard in de staart van de draak’ (zo spannend!) zijn toch toppers.

Enzo, waar komt jouw liefde voor beelden en verhalen vertellen vandaan?
Enzo: Ik heb eigenlijk altijd al getekend en verhalen verzonnen. Voor mij liggen die twee ook heel dicht bij elkaar: een beeld kan soms in één keer iets vertellen waar je met woorden veel langer voor nodig hebt. Ik vind het vooral leuk om werelden te maken waar je even in kunt verdwijnen, maar waar ook altijd iets menselijks of herkenbaars in zit.

Wat inspireerde je bij het maken van de illustraties voor Aziatische sprookjes?
Enzo: Ik heb heel veel onderzoek gedaan naar de beeldende kunst uit de landen waar de verschillende sprookjes vandaan komen. Ik wilde voorkomen dat het één algemene, verzonnen ‘Aziatische’ beeldtaal zou worden. Dus ik keek naar schilderkunst, prenten, keramiek, textiel, kleurgebruik, landschappen en architectuur uit onder andere China, Japan, Korea en Vietnam. Dat onderzoek gebruik ik vervolgens als vertrekpunt, maar uiteindelijk trek ik alles wel door mijn eigen illustratiestijl heen.
Wat is jouw lievelingsillustratie uit het boek?
Enzo: Ik denk die van het meisje dat op de maan landt. Juist omdat het zo’n beeld is waar ik zelf meteen een heel verhaal bij voel. Ze is piepklein tegenover die enorme maan en het heeft iets heel verstilds en tegelijkertijd magisch. Dat zijn eigenlijk ook de illustraties die ik het liefst maak: beelden waarvan je hoopt dat iemand er even bij blijft hangen.

Wat bewonderen jullie in elkaars werk?
Pete: Enzo kan in een handomdraai een wereld neerzetten die ademt en volledig voelt! Soms is dan één prent al genoeg om lang in weg te dromen.
Enzo: Wat ik heel knap vind aan Pete is hoe toegankelijk hij de verhalen maakt zonder dat ze hun eigenheid of magie verliezen. Hij kan heel soepel schakelen tussen iets grappigs, iets ontroerends en iets totaal absurdistisch. Dat geeft mij als illustrator ook ontzettend veel om mee te spelen.
Als je één personage uit Aziatische sprookjes mocht zijn, wie zou je dan kiezen?
Pete: Wil echt dat kammenzwaard zijn, haha! Dat speelt ook nog eens een belangrijke rol.
Enzo: Dan kies ik toch het meisje dat op de maan terechtkomt. Alleen al het idee dat je ineens op de maan belandt vind ik fantastisch — al zou ik er waarschijnlijk na een paar uur achter komen dat het er toch behoorlijk eenzaam is. Maar voor één nacht lijkt het me perfect.

